NOx emissie – Programmatische Aanpak Stikstof.

Sinds 1 juli 2015 is in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb, sinds 1 januari 2017), eerder de Natuurbeschermingswet (Nbw), de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) van kracht. Het PAS vervangt de passende beoordeling voor stikstofdepositie bij de vergunning verlening op grond van de Wet Natuurbescherming. Het geeft de onderbouwing dat de natuurdoelen van de Natura 2000-gebieden niet in gevaar komen. Het huidige PAS is vastgelegd voor de periode 2015-2021. Na deze periode zullen nieuwe afspraken worden gemaakt.

In het kader van de PAS wordt gekeken naar de opgetelde stikstofdepositie in 118, aan het PAS gerelateerde Natura 2000-gebieden, de zogenaamde PAS-gebieden. Hierbij wordt de bijdrage van alle bedrijven in beschouwing genomen. Per gebied wordt ontwikkelingsruimte toegekend en vastgelegd. De ervaring leert dat de NOx-emissie van een enkel bedrijf, invloed kan hebben op een groot gebied. De kans is daarmee groot dat ook uw bedrijf bijdraagt aan de stikstofdepositie in een PAS-gebied.

Beschikt uw bedrijf niet over een Wnb-vergunning en is er sprake van een ongewijzigde bedrijfsvoering sinds de aanwijzing van nabijgelegen Natura 2000-gebieden, dan is het mogelijk dat u hinderlijke effecten ondervindt door de inwerkingtreding van het PAS.

Bij een wijziging van de bedrijfsvoering (buiten het kader van de Nbw-vergunning) moet een toetsing van meldings/vergunningsplicht in het kader van het PAS plaatsvinden. Deze toetsing vindt plaats aan de hand van zogenaamde Aerius-berekeningen. In dit rekenmodel wordt de bijdrage van uw bedrijf, en andere bedrijven (zowel keramisch als niet-keramisch), aan de stikstofdepositie in omliggende PAS-gebieden berekend. De totale stikstofdepositie van alle bedrijven wordt tevens getoetst aan de beschikbare ontwikkelingsruimte. Is de bijdrage van uw bedrijf in elk afzonderlijk PAS-gebied beneden de grenswaarde, dan geldt geen vergunningsplicht. Is de bijdrage groter, dan dient een vergunning te worden aangevraagd waarmee u een beroep doet op al dan niet beschikbare ontwikkelingsruimte. Wanneer u een vergunning aanvraagt dient er een verschilberekening te worden uitgevoerd. Hierbij wordt een vergelijking getrokken tussen enerzijds de stikstofdepositie in de beoogde situatie, en anderzijds de stikstofdepositie in de huidige situatie. Uw ‘bestaande’ rechten worden herrekend met de hoogst feitelijke emissie van NOx in de referentieperiode 2012 – 2014 als uitgangspunt. Hiermee wordt de door u benodigde ontwikkelingsruimte vastgesteld. Let op, beschikbare ontwikkelingsruimte wordt vrijgegeven op volgorde van aanvraag.

Het is mogelijk dat er in een gebied in uw directe omgeving geen ontwikkelingsruimte beschikbaar is ten tijde van de door u geplande wijziging in de bedrijfsvoering. Het is in dit geval niet mogelijk de geplande wijzigingen door te voeren tot het moment dat er nieuwe ontwikkelingsruimte wordt vrijgegeven. Dit kan een ernstige belemmering opleveren. TCKI adviseert daarom een enkelvoudige Aerius-berekening uit te laten voeren. Hiermee krijgt u de huidige ontwikkelingsruimte voor de relevante PAS-gebieden inzichtelijk. Bovendien kunt u hiermee aantonen dat de huidige situatie, mits passend binnen de omgevingsvergunning, niet vergunningsplichtig is.

TCKI kan de benodigde Aerius-berekeningen voor u uitvoeren. Daarnaast ondersteunt TCKI u waar nodig bij het nemen van maatregelen en bij vergunningsaanvraag.

Meer informatie Stan Aben, Rob Mentink